OREN OP STEELTJES

Concert: de temperamenten van Telemann, door Camerata Delft.
Gehoord: zaterdag 19 januari 2008, Oud-Katholieke Kerk, Delft.

Als luisteren geluid maakt, dan moet het klinken zoals de muziek van Camerata Delft. Met hun programma "De temperamenten van Telemann" presenteerde dit gloednieuwe kamerensemble zich voor het eerst aan publiek, op zaterdag 19 januari in de Delftse Oud-Katholieke Kerk.

Lange tijd heb ik gedacht dat een basso continuo één instrument was. Bij Camerata Delft is dat ook zo. Oprichters Lotte Beukman (cello) en Albert Moerman(clavecimbel) vormen met hun vanzelfsprekende gelijkgestemdheid de inspirerende basis van het ensemble. Als door een draadje verbonden leggen zij de ondertonen neer als vruchtbare aarde, waarop de andere stemmen alle ruimte krijgen om te bloeien.

En dat doen deze met veel elan en elegantie. Sopraan Jeanneke van Buul heeft een prachtige natuurlijke stem die zowel zachtomfloerst als krachtig goed tot zijn recht komt. Hoboiste Nanette van Nes en fluitiste Martine van der Spek zijn wonderschoon op elkaar ingespeeld en scheppen een kleurige klankentuin, waarin het heerlijk toeven is. En dat terwijl de laatste maar één repetitie heeft meegedaan, als vervanging van de vaste fluitiste. "Gewoon goed luisteren!" was haar reactie na afloop op alle loftuitingen.

En dit lijkt ook precies het geheime recept te zijn van Camerata Delft. Tijdens het spelen zíe je ze luisteren. Vooral Lotte Beukman lijkt met oren op steeltjes iedere beweging op te nemen en verder te dragen op genuanceerde, invoelende wijze. Volledig dienstbaar aan het geheel laat zij pas in het solostuk Fantasia in Es na de pauze haar individuele expressie de vrije loop; virtuoos en doorleefd, maar ontdaan van elk vertoon.

Dit laatste kan tevens als enige punt van kritiek genoemd worden: alle ensembleleden komen wel wat introvert over. Er wordt heel serieus gekeken en bij applaus besmuikt gelachen naar het publiek en elkaar. Wanneer het ensemble na dit geslaagde debuut onvermijdelijk door gaat breken, zou nog wel wat gewerkt kunnen worden aan houding en gezichtsexpressie. Aan de andere kant is dit naar binnen gekeerd zijn misschien juist voorwaarde voor hun opvallend fraaie samenspel. Een teveel aan ego en uiterlijkheid zou hier alleen maar afbreuk aan doen. Moge Camerata Delft ook te midden van het klatergoud van de roem dit ademende, luisterende geluid behouden.

Marijke de Raadt